Kraamverzorgenden en verloskundigen schatkist van geboortezorg

November 2017 - De kraamverzorgenden verrichten samen met de verloskundigen en gespecialiseerde verpleegkundigen ruim 80% (en als je de ziekenhuizen meerekent schatten wij 95%) van het werk in de geboortezorg. Maar het geld dat beschikbaar is voor deze zorg, komt te vaak terecht op plaatsen waar het niet ten goede komt aan deze zorg aan moeder en kind. Het komt terecht bij zakenmensen, organisaties en banken. Dat leidt uiteindelijk tot onvoldoende zorg aan moeder en kind.

Kraamverzorgenden, verloskundigen en gespecialiseerde verpleegkundigen zijn goed ruim 80% (en als je de ziekenhuizen meerekent schatten wij 95%) van het werk in de geboortezorg. Zij controleren, signaleren, begeleiden, coachen, adviseren, indiceren, administreren, integreren integraal in regionaal en landelijke overlegstructuren en zorgen ondertussen dat de meeste vrouwen in Nederland gezond en veilig zwanger zijn, bevallen en herstellen in het kraambed, samen met hun baby en de rest van het gezin. Maar het geld dat beschikbaar is voor deze zorg, komt te vaak terecht op plaatsen waar het niet ten goede komt aan deze zorg aan moeder en kind. Het komt terecht bij zakenmensen, organisaties en banken. Die zeggen dat nodig te hebben om zorg te organiseren. Dit gaat ten koste van de zorgverleners die de zorg moeten uitvoeren. En leidt uiteindelijk tot onvoldoende zorg aan moeder en kind. 

In tegenstelling tot veel andere plekken in de zorg wordt er in de geboortezorg niet bezuinigd. Er is ieder jaar nog geld bijgekomen. Toch klagen na de kraamverzorgenden nu ook de verloskundigen over de hoge werkdruk, de slechte vergoedingen en het steeds meer werk onbetaald moeten doen in eigen tijd.Het geld dat beschikbaar is voor geboortezorg bestaat voor een groot deel uit geld voor kraamzorg en verloskunde. Maar het lijkt dat het niet terecht komt bij de mensen die het werk doen.

 

Het beeld werpt zich op dat de kraamverzorgende en verloskundige de schatkist zijn van veel betrokken partijen in de geboortezorg. Zij zijn een winstmaximalisatiemiddel. Een te beheersen kostenpost. In plaats van dat zij worden gezien als het goud van de geboortezorg. Want zonder deze beroepsgroepen kan de geboortezorg wel stoppen. Sterker, zonder het werk van deze professionals is er geen geboortezorg meer.

Afgelopen weken werd bekend dat  de tariefsverhoging die de Nza heeft vastgesteld niet meteen worden doorgevoerd in de kraamzorg en verloskundige zorg. Dan komt bij ons de vraag op: waar blijft de tariefsverhoging van het macrobudget van de geboortezorg? Geld dat bestemd is om de zorg aan moeder en kind te optimaliseren? Dat is niet duidelijk. Het kan zijn dat er geld bij verzekeraars blijft liggen en verdwijnt in de winst of spaarpotten van de verzekeraars. Misschien wordt het gebruikt om de premies te verlagen. We weten het niet.  Het kan ook zijn dat het geld terecht komt bij de ziekenhuizen die daar andere dingen mee doen zoals bijvoorbeeld het opzetten van nieuwe geboortezorgorganisaties onder de noemer integrale geboortezorg of gebruiken om het verlies van andere (dure) zorgafdelingen te compenseren. We weten het niet. 

Er is een sterke verschuiving afgelopen jaren van de thuisbevalling naar het ziekenhuis. De verloskundigen die in ziekenhuizen worden geassisteerd door gespecialiseerde verpleegkundigen zien hun werkdruk stijgen. Weliswaar houden deze zich op dit moment in de media nog stil maar wij horen en zien elke dag de verhalen van overbezetting in ziekenhuizen, de hoge werkdruk en  de enorme doorstroomsnelheid of gebrek aan plek. Kraamverzorgenden halen midden in de nacht  pasbevallen vrouwen op uit ziekenhuizen, niet alleen omdat de mensen graag naar huis willen, maar vaak genoeg enkel omdat het ziekenhuis ruimte nodig heeft. Dit maakt dat de werkdruk onder kraamverzorgenden enorm stijgt en er ook hier regelmatig capaciteitsproblemen spelen.

Kraamverzorgenden geven al een jaar aan dat zij niet krijgen betaald voor het werk dat zij moeten doen. De salarissen zijn laag gebleven dankzij een zeer slechte CAO kraamzorg. Terwijl de kraamzorgorganissaties wel een forse tariefsverhoging hebben gekregen in 2016 en 2017. De kraamzorggeld is dus niet bij verzekeraars gebleven maar is netjes gestort op de bank van de kraamzorgorganisaties. Wij weten niet wat er met het geld wordt gedaan. We zien sommige kraamzorgorganisaties wel actief met het opzetten van bijvoorbeeld een academische werkplaats bij een Universitair Ziekenhuis. Er zijn regio's waar een paar kraamzorgorganisaties hebben vastgelegd dat er enorme bedragen betaald moeten worden om mee te mogen doen aan regionale integrale geboortezorg waarmee en passant de concurrentie in de regio wordt uitgeschakeld. We zien dat naast de kraamzorgorganisaties soms nog andere bedrijfjes gestart worden zoals borstvoedingsmaterialenwinkeltjes of andere detailhandel activiteiten.  We zien deze acitiviteiten niet leiden tot kraamzorgorganisaties waar iedereen tevreden zijn werk kan doen en zijn inkomen kan verdienen. Het personeel worstelt met steeds lagere lonen, slechte contracten en beroerde arbeidsvoorwaarden. Dit heeft tot resultaat dat kraamverzorgenden op dit moment vertrekken uit de kraamzorg. Ze vinden vaak snel andere banen in de ouderenzorg of detailhandel en verdienen daar vaak meer in betere en zekere werkomstandigheden.

 De geboortezorg komt door deze ontwikkelingen steeds meer onder druk te staan. De NBvK zal de komende periode aandacht vragen voor deze problemen bij de kraamzorgorganisaties, de partners in de geboortezorg en bij ministerie en politiek.