Pijn tijdens de bevalling wordt niet veroorzaakt doordat vrouwen zich "slecht voorbereiden"

december 2017 

 

De Monitor, een nieuwsprogramma op de publieke omroep, houdt zich de afgelopen maanden bezig met de geboortezorg en vraagt zich nu in de media af, na aanleiding van een mening van een anesthesioloog, of vrouwen zich wel goed voorbereiden op de bevalling. https://demonitor.kro-ncrv.nl/artikelen/vrouwen-bereiden-zich-steeds-minder-goed-voor-op-de-bevalling 

Wij weten als ervaringsdeskundigen dat pijn tijdens de bevalling niet komt door slechte voorbereiding. Een bevalling doet pijn. En is een zware klus.  Wij zien dat vrouwen anno 2017 zich juist goed voorbereiden op de bevalling en daardoor weten ze ook dat het echt pijn doet. En niet alle vrouwen zijn er van overtuigd dat de pijn moet worden gedragen of verdragen. Zeker niet nu er steeds meer mogelijkheden bestaan die de pijn kunnen bestrijden.  Aan de andere kant zien we tevens een grote groep vrouwen die heel graag zonder pijnbestrijding willen bevallen maar dat om diverse redenen niet volhouden of tijdens de bevallling als snel pijnbestrijding krijgen aangeboden bijvoorbeeld omdat  de ontsluiting dan sneller zou gaan of omdat ze uitgeput dreigen te raken. De huidige generatie ouders leest zich goed in en heeft ook een eigen visie en mening over hoe en waar ze willen bevallen. Als we de client daadwerkelijk centraal willen stellen in de geboortezorg dan kunnen we deze ontwikkeling niet wegredeneren of ontkennen. De vraag om pijnbestrijding af doen als "slechte voorbereiding" vinden wij dan ook wat kort door de bocht. Als professionals moeten wij de vraag van de vrouwen zelf respecteren. De vrouwen kunnen zelf heel goed aangeven of ze de pijn aankunnen of aanwillen. Daarnaast kunnen de professionals in de geboortezorg meer doen aan betere voorbereiding op de bevalling en informatie over hoe met de pijn om te gaan maar vooral  te zorgen dat het systeem van de geboortezorg voldoende ondersteuning en begeleiding biedt om een vrouw te ondersteunen bij de pijnlijke en zware klus die bevallen is. 
Dat hoeft in onze ogen helemaal niet altijd meteen in de alternatieve hoek terecht te komen. Er is meer tussen de hypnobirthing, de tips van sommige verloskundigen om toch vooral te masturberen tijdens de bevalling en aan de andere kant de ruggeprik of zelf een sectio met volledige narcose. 
Goede voorbereiding maar vooral ook goede persoonlijke begeleiding tijdens de bevalling die afgestemd is op de wensen, verwachtingen en mogelijkheden van de individuele kraamvrouw en haar partner is zeker een belangrijke onderdeel in de geboortezorg waar verbeteringen te behalen zijn.

De NBvK pleit dan ook overal voor meer aandacht aan de "tandem" verloskundige-kraamverzorgende tijdens de bevalling. En deze als team samen te laten werken tijdens de fysiologische bevallingen maar ook als begeleider en coach op het moment dat de bevalling medisch wordt. Natuurlijk moet er dan ook een specialist mee werken en kijken maar verbreek niet de opgebouwde band tussen de professionele begeleiders die de vrouw al kent en waar ze inmiddels op vertrouwd. Het verwijt dat vrouwen zich slecht voorbereiden is niet terecht. Wij zien eigenlijk vooral een haperende organisatie, financiering  en uitvoering van een totaal pakket aan goede geboortezorg door professionals. 

Er is nu eindelijk onderzoek gestart naar de rol van kraamzorg bij de partus en de vraag om pijnbestrijding. Wij denken dat uit het onderzoek zal komen dat met persoonlijke begeleiding door iemand waarmee de barende vrouw een vertrouwensband kan opbouwen en die tijdens de partus continuiteit biedt, de vraag (en het aanbod) om pijnbestrijding zal afnemen.

 

De meerwaarde van kraamzorg tijdens de partus

 De kraamzorg kan een veel grotere rol kan spelen bij de begeleiding tijdens de bevalling. In de tijd dat er nog veel thuis werd bevallen was het begeleiden en coachen bij het opvangen van de pijn tijdens de bevalling een dagelijks onderdeel van het werk van de kraamverzorgenden. Samen met de eerste lijns verloskundige of, indien deze druk was elders, alleen, puften en coachten de kraamverzorgenden mee met de kraamvrouwen en hun partners. Na de bevalling hielpen ze met opruimen en uitrusten en hielden ze ondertussen de baby en kraamvrouw in de gaten. Want behalve een zware pijnlijke klus is bevallen en geboren worden ook nogal een aanslag op de lichamelijke conditie. De aanwezigheid van de kraamzorg de eerste uren en dagen na een geboorte is daarom vaak van levensbelang en voorkomt zeer vaak medisch ingrijpen. De meerwaarde van kraamzorg is afgelopen jaren aangetoond door onderzoeken die de preventieve werking van kraamzorg  hebben onderzocht maar ook door de ervaringen en verhalen van kraamgezinnen die wij hebben verzameld in 2013-2014 toen er even sprake was van het schrappen van kraamzorg uit het basispakket. 

 

Plaats van bevallen verschuift van thuis naar ziekenhuis of bevalkliniek: kraamzorg wordt "vergeten" 
Nu steeds meer vrouwen (moeten) kiezen voor een bevalling in een medische omgeving of kliniek, stijgt de vraag naar pijnbestrijding. Daarnaast  is afgelopen 15 jaar de begeleiding tijdens de bevalling veranderd. Er werd gefocust op de uitdrijving en de geboorte zelf. Maar in de periode ervoor is nog steeds te weinig aandacht voor de begeleiding. Het advies uit een Goed Begin in 2009 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2009/12/30/een-goed-begin-veilige-zorg-rond-zwangerschap-en-geboorte om een barende vrouw niet alleen te laten, is niet uitgevoerd omdat de minister dat niet kon betalen. En omdat de minister van mening was dat het huidige systeem ruimte genoeg bood dit te organiseren. Met dat laatste waren wij het eens omdat we toen al zagen dat de inzet van de kraamzorg volledig ondergesneeuwd werd door de positie en belangenstrijd tussen verloskundigen en gynaecologen. Nu deze "beslecht" is en we werken aan betere  regionale samenwerking en integrale zorg, is het in onze ogen NU tijd om verder te gaan onderzoeken hoe we met alle betrokkenen de uitvoering van geboortezorg, kunnen verbeteren en afstemmen op de vragen, verwachtingen en mogelijkheden van de vrouwen zelf. En daar kan de kraamzorg een unieke en praktische rol in spelen. 

Tijdens de ontsluiting ziet een vrouw vandaag de dag al snel meer dan 10 verschillende zorgverleners aan haar bed. Die komen binnen en gaan  weer snel weg, ze komen controleren, observeren en af en toe een beetje aanmoedigen maar er is weinig ruimte en tijd om daadwerkelijk een goede band op te bouwen met de begeleiders. De eigen verloskundige is vaak al uit beeld of je hebt als zwangere vrouw in de zwangerschap al met minimaal 4-5 verschillende verloskundige zorgverleners te maken gehad. 

Als de thuisbevalling verschuift dan zou de kraamzorg ook moeten "meeverschuiven" maar dat gebeurd maar ten dele. We zien wel een verschuiving van ons werk naar de avond en nacht omdat vrouwen zo snel mogelijk na de bevalling weer naar huis moeten of willen en wij dan de zorg na de bevalling opstarten. Wij denken dat de kraamverzorgenden veel eerder ingezet moeten worden, namelijk al tijdens de ontsluitingsfase van de bevalling. De  kraamzorg is een wezenlijk en onvervangbaar onderdeel van de geboortezorg tijdens de bevalling. Maar helaas wordt daar te weinig gebruik van gemaakt.Het beperkt zich op dit moment tot enkele gebieden in Nederland waar enkele ziekenhuizen of bevalklinieken met een deel van de regionaal actieve kraamzorgorganisaties afspraken hebben gemaakt over de begeleiding van de bevalling door de kraamzorg in het ziekenhuis of bevalkliniek. Als we dit de komende jaren veranderen en de kraamzorg een gelijkwaardig en volwaardig onderdeel laten zijn van de hele geboortezorg dan zal dat het bevallen in Nederland een stuk beter en aangenamer maken. 

 

 

Kraamzorg tijdens de partus: de mogelijkheden zijn aanwezig, nu nog goede organisatie en slimme inzet van de kraamzorg

De kraamverzorgende kan tijdens de bevalling zorg verlenen die wordt vergoed door de basisverzekering en is dus voor iedere vrouw wettelijk en financieel bereikbaar. Daarbij biedt het huidige Indicatie Protocol (LIP) ruimte voor extra uren begeleiding door de kraamzorg in de ontsluitingsfase van de bevalling. Daarnaast is er budget voor kraamzorg en wordt ieder jaar nog geld overgehouden van het macrobudget dat de overheid ter beschikkig stelt voor kraamzorg. Nu verdwijnt dat geld in de winsten van verzekeraars of wordt besteed aan andere zorg in het pakket. 
Wij pleiten om dit geld te gebruiken voor betere inzet van de kraamverzorgenden in de geboortezorg. Te beginnen bij het verdiepen en verbreden van de werkzaamheden tijdens de partus. De kraamzorg wordt helaas bij deze verplaatste thuisbevallingen of fysiologisch bevallingen (dus zonder medische indicatie) nog niet vaak ingezet. Uit navraag blijkt dit vooral een financiele kwestie te zijn en onbekendheid. Wij pleiten voor meer onderzoek naar de redenen en eventuele barrieres die een volledige inzet van kraamzorg in de ziekenhuizen en bevalklinieken tegen houden.  
Alle kraamverzorgenden zijn aantoonbaar geschoold op het verlenen van kraamzorg tijdens de partus. Dus er is geld, er is kennis bij de gespecialiseerde zorgverleners (kraamverzorgenden), de wet biedt mogelijkheden en de inzet van kraamverzorgenden kan daarbij de arbeidsomstandigheden van de kraamverzorgenden verbeteren omdat ze dan in niet meer zoals nu, 24 uur per dag, vaak de hele maand, haar uurtjes bij elkaar moeten sprokkelen.